Opstellen en uitwerken van Natuurdoelanalyses
In 2027 wordt de uitvoering van de tweede fase van het Programma Natuur voortgezet. Met deze fase wordt ingezet op het herstel en de versterking van de natuurkwaliteit in en rondom de Zeeuwse Natura 2000-gebieden. Daarbij ligt de prioriteit bij de gebieden waar de natuurkwaliteit het meest onder druk staat en waar natuurherstel de grootste bijdrage kan leveren aan het versterken van de biodiversiteit en het herstel van natuurlijke systemen.
De Kop van Schouwen en de Manteling van Walcheren hebben hierbij de hoogste prioriteit. In deze gebieden wordt onder meer ingezet op herstel van de duinnatuur, het vergroten van natuurlijke dynamiek, hydrologische maatregelen en de bestrijding van invasieve exoten. Ook wordt gewerkt aan maatregelen in de Oosterschelde, Westerschelde en Saeftinghe, het Zwin en de Kievittepolder, de Yerseke en Kapelse Moer, de Vogelkreek, Canisvliet, het Groote Gat en de Grevelingen. Deze maatregelen zijn gericht op het versterken van de natuurkwaliteit en het herstel van het natuurlijke systeem van de gebieden.
Naast concrete herstelmaatregelen blijft kennisontwikkeling en onderzoek belangrijk. Onderzoek naar bijvoorbeeld de begrazingsdynamiek in de duinen, de kwaliteit van de eikenbossen in de Manteling van Walcheren en de hydrologische condities levert kennis op die nodig is om maatregelen effectief uit te voeren en het natuurbeheer waar nodig bij te sturen.
De uitvoering van Programma Natuur fase 2 is meerjarig. In 2027 wordt daarom verder gewerkt aan de voorbereiding, uitvoering en monitoring van de geprioriteerde maatregelen. Daarbij wordt samengewerkt met terreinbeheerders, waterschappen, gemeenten en andere betrokken partijen. Door maatregelen binnen én rondom de Natura 2000-gebieden met elkaar te verbinden, wordt gewerkt aan duurzaam systeemherstel, een robuustere Zeeuwse natuur en een verdere versterking van de biodiversiteit.